HOE WERKT EEN ZONNEPANEEL <terug>
Met zonnepanelen kan zonlicht
direct in elektriciteit worden omgezet (zonnestroom).
Dit proces noemen we het fotovoltaïsch effect. De
officiële benaming voor een zonnepaneel is kortweg PV-paneel,
via het Engelse 'photovoltaic panel'.
Een PV-paneel bestaat uit meerdere kleine zonnecellen die met
elkaar verbonden zijn. Elke zonnecel is opgebouwd uit flinterdunne
laagjes halfgeleidend materiaal waartussen - onder invloed van het
zonlicht - een spanningsverschil ontstaat.
Het hart van een zonne-energiemodule is dus de zonnecel. Deze is van
silicium. Silicium wordt uit kwartszand door smelten en reinigen
gewonnen. Dan ontstaan rechthoekige of cilindervormige ruwe
siliciumblokjes. Deze worden vervolgens in schijfjes gezaagd. Door het
gericht aanbrengen van een onder- en bovenzijde en door het aanbrengen
van kleine zilverbanen ontstaat een correct werkende zonnecel, waarop
een stroomverbruiker (bv. gloeilamp) kan worden aangesloten. Valt nu
energierijk zonlicht (UV- en Infrarood straling = fotonen) op deze
zonnecel, dan worden de elektronen in het siliciumkristalrooster in
beweging gebracht en circuleren door de stroomverbruiker. Zo hebben we
gelijkstroom en gelijkspanning (Volt) opgewekt. Vandaar het begrip
fotovoltage.
Afhankelijk van de kristallijnstructuur in het
siliciumvlak maakt men onderscheid tussen monokristallijne,
polykristallijne en amorfe silicium zonnecellen.
De verschillende kristallijnstructuren geven een verschillend rendement
en levensduur. Het rendement van een zonnecel bepaalt welk gedeelte van
de ingestraalde zonne-energie daadwerkelijk wordt afgegeven in de vorm
van elektrische energie. Een module met een laag rendement heeft een
groter oppervlak nodig om een bepaald aantal Watts te leveren, dan een
module met een hoger rendement. De rest van de ingestraalde energie
gaat verloren in warmte. Een paneel van 1 m2 oppervlak vangt in
Nederland 1000 W en indien het rendement 10 % is levert die 1 m2 een
elektrische energie van 100 Watt. De overblijvende 900 Watt wordt
afgegeven in de vorm van warmte.
Deze warmte is schadelijk voor het rendement en de levensduur van het
PV paneel. De warmte kan worden weggevangen met behulp van collectoren
en gebruikt om ruimtes te verwarmen of voor productieprocessen. Onze
zonnecollectoren van
SolarWall
in combinatie met PV panelen geven een uitzonderlijk hoog gezamenlijk
rendement van meer dan 50%.
De zonnecel kan overeenkomstig het stralingsvermogen van de zon de
gelijkstroom opwekken. Bij de spanning is dat anders. Ook bij zeer laag
stralingsvermogen levert de zonnecel energie. De instromende energie
vult eerst de legen plaatsen in de cel op, waarbij de spanning oploopt
van nul tot het maximum. Zodra het maximum bereikt is gaat de cel
‘overlopen’ en kan er pas een elektrische stroom
lopen, die steeds sterker wordt, naarmate de zonne-instraling groter
is. Bij volledige zonne-instraling (1000 W) wordt eveneens de maximale
stroom opgewekt. Bij een half zo sterke instraling wordt ook de helft
van de stroom opgewekt. De spanning in de zonnecel neemt dan ook af
naarmate de stroom toeneemt en is het laagst bij de kortsluitstroom.
Het maximale vermogen wordt bereikt als het product van de stroom en de
spanning maximaal is.
Door serieschakeling (= verhoging van de spanning) en
parallelschakeling (= verhoging van de stroom) kan met de zonnecellen
voor zonne-energiemodules met uiteenlopende maten energie worden
opgewekt. Kenmerkend zijn zonne-energiemodules van 36 cellen. Deze
hebben de eigenschap, dat ze wereldwijd toepasbaar zijn en met een
spanning van 17/18 V altijd boven de laad-eindspanning van de accu
liggen.
Een zonnepaneel (PV paneel) is niet hetzelfde als een zonnecollector.
Een collector produceert
warm
water of
warme
lucht met behulp van de zon , een zonnepaneel (PV paneel)
produceert
stroom.