WAT HEB IK ALLEMAAL NODIG voor een
PV installatie <terug>
Benodigdheden
Zonnepanelen
Bevestigingsmaterialen voor schuin of plat dak
Omvormer
Bruto productiemeter
Elektrische bedradingen en connectoren
Terugloop elektriciteitsmeter
In de meeste gevallen is een vergunning niet nodig voor het plaatsen
van zonnepanelen; uitzonderingen gelden voor monumenten en beschermde
stads- of dorpsgezichten. Doe altijd navraag bij uw gemeente.
Zorg bij installatie van zonnepanelen bij voorkeur voor
ventilatieruimte tussen de panelen en het dak, en rond de omvormer. Zo
voorkomt u dat ze teveel opwarmen en daardoor minder efficiënt
werken. Om de PV panelen te koelen en de warmte te benutten, kunt u
eventueel gebruik maken van onze
SolarWall
warme lucht zonnecollectoren.
Subsidie aanvragen
De SDE+ 2011 is geopend. U kunt nu een subsidieaanvraag indienen voor
fase
2. Fase 1 is inmiddels gesloten. De
digitale aanvraagmodule voor de SDE+ is beschikbaar in het eLoket van Agentschap
NL. Ga voor meer informatie naar
'Aanvragen' . Daar vindt u ook de link naar het
eLoket.
Let op! In de periode 1 juli tot 30 december
2011, 17:00 uur kan per categorie productie-installaties, per adres waarop de
productie-installatie wordt geplaatst
maximaal één aanvraag
worden ingediend. Het basisbedrag dat geldt bij subsidietoekenning kan
variëren, afhankelijk van het moment waarop u aanvraagt, omdat voor een aanvraag
in de vrije categorie lagere basisbedragen gelden. Kijk dus goed op welk moment
u een aanvraag doet.
U vindt de ministeriële regelingen op deze website
bij ‘Officiële bekendmakingen’. De contouren van de SDE+ 2011 zijn al eerder
geschetst in een
kamerbrief.
Wij zullen u graag behulpzaam zijn bij uw aanvraag.
Zonnepanelen installeren
Allereerst bepaalt u welk merk of type zonnepaneel u wilt
aanschaffen.
Wij adviseren u zich goed te oriënteren. Zowel de
hellingshoek als de oriëntatie op het zuiden hebben namelijk
invloed op de elektriciteitsproductie. Daarnaast heeft veel schaduw
op de panelen een ongunstig effect op de energieproductie
van het
zonnepaneel. De ideale plaatsing van een zonnepaneel is bij een
helling van 36° en een oriëntatie van 5° west
ten opzichte van
het zuiden. De instraling is dan 100 procent. U kunt de panelen zelf
plaatsen of er voor kiezen om dit door een installateur te laten
doen.
Met een instralingsschijf is de instraling voor alle hellingshoeken en
oriëntaties eenvoudig te bepalen.
Een instraling boven de 90 procent is optimaal. In het algemeen
geldt dat zonnepanelen aan dit instralingspercentage voldoen als:
• er geen schaduw op het paneel valt;
• de oriëntatie tussen zuidwest en zuidoost ligt;
• de hellingshoek tussen de 30° en 60° ligt.
Extra groep aanleggen
Zonnestroominstallaties met een vermogen groter dan 600 Wp
moeten worden aangesloten op een eigen groep. Voorwaarde
hierbij is dat op deze eigen groep geen andere apparaten worden
aangesloten. In veel gevallen kan er geen bestaande groep worden
vrijgemaakt voor de zonnestroominstallatie. Dan moet een nieuwe
groep worden aangelegd¹. Op deze eigen groep plaatst u de
brutoproductiemeter (zie ook de volgende stap).
¹ De verplichtingen rond het plaatsen van
elektriciteitsinstallaties en de bemetering ervan zijn vastgelegd in de
NEN1010, de Nederlandse norm voor elektriciteitsinstallaties in
onder andere de woningbouw.
Brutoproductiemeter aanleggen
Waarom moet ik een brutoproductiemeter
plaatsen?
Met de brutoproductiemeter kunt u
subsidie ontvangen over de bruto productie, inclusief het eigen
verbruik.
Zonder brutoproductiemeter
ontvangt u alleen subsidie
over de aan het net geleverde
elektriciteit (netto productie). U mist dan subsidie over het deel dat
u zelf gebruikt. Het plaatsen van een brutoproductiemeter is niet
verplicht, maar wel aan te raden. Bij kleine installaties zal een groot
gedeelte van de opgewekte elektriciteit worden verbruikt door
huishoudelijke apparaten.
De kosten voor het plaatsen van de brutoproductiemeter liggen
tussen de € 80,- en € 110,-. Bij een kleinschalige
aansluiting worden
door de regionale netbeheerder afleeskosten in rekening gebracht.
Deze bedragen € 30,- per jaar. De meterstand van de
brutoproductiemeter
wordt op dezelfde wijze opgenomen als voor uw
hoofdmeter.
Waar moet ik de brutoproductiemeter plaatsen?
Agentschap NL is met alle netbeheerders overeengekomen dat de
brutoproductiemeter, afhankelijk van de situatie ter plaatse als
volgt geplaatst wordt:
1 Maximaal 150 cm links of rechts op ‘ongeveer’
gelijke hoogte
als de hoofdmeter. Dit is de meest voorkomende situatie.
2 Naast de verdeelinrichting (groepenkast) als de
‘hoofdmeter’
niet in dezelfde ruimte als de verdeelinrichting is geplaatst.
De onderkant van het meterbord wordt geplaatst op 130-
150 cm hoogte vanaf de vloer. Dit is een uitzonderlijke situatie en
komt vaak voor bij een woonboot. De hoofdmeter staat aan wal
in een kastje terwijl de groepenkast aan boord van het schip is
geplaatst.
3 ‘Naast’ een onder-verdeelinrichting (tweede
groepenkast),
onderkant van het meterbord op 130-150 cm hoogte vanaf de
vloer. Een onder-verdeelinrichting is een groepenkast achter een
groep. Dit kan voor komen als de zonnepanelen op een schuur
worden geplaatst met een eigen groepenkast.
De brutoproductiemeter kan in dit geval geplaatst worden op een
eigen groep in de bestaande meterkast in de schuur en hoeft er
geen aparte kabel van de schuur naar de woning te worden
getrokken. In dit geval moet de plaats waar de brutoproductiemeter
komt te hangen aan de volgende eisen (omgevingscondities)
voldoen:
• De ruimte waar de brutoproductiemeter komt moet schoon,
droog en afsluitbaar zijn en geen buitengewoon corrosievormende
atmosfeer bevatten. De condities zijn vergelijkbaar
met de condities volgens de Netcode Elektriciteit artikel 2.1.2.5
en 2.1.2.6.
• De ruimte voor (de)montagewerkzaamheden van de
productiemeter
voldoet aan de regels over arbeidsomstandigheden.
Er moet dus voldoende ruimte zijn om
de elektrotechnische
werkzaamheden uit te voeren.
Hoofdmeter vervangen
Er zijn netbeheerders die naast het plaatsen van de brutoproductiemeter
ook de hoofdmeter willen vervangen. Dit laatste is geen
voorwaarde voor het verkrijgen van subsidie. Om de teruggeleverde
elektriciteit te kunnen verrekenen met het eigen verbruik
heeft u een meter nodig die teruglevering mogelijk maakt. Dit kan
zowel een digitale als een analoge meter zijn. Ook als de hoofdmeter
een draaispoelmeter van het type Ferraris is kan deze blijven
hangen. Let hierbij wel op, er zijn ook draaispoelmeters die niet
terugdraaien of niet meten wat aan het net wordt geleverd.
Uw netbeheerder kan u hierover informeren.
Kiest u er voor om geen brutoproductiemeter te plaatsen en
heeft u een draaispoelmeter als hoofdmeter dan moet deze altijd
worden vervangen (ook als dit een Ferrarismeter is). Mogelijk draait
uw draaispoelmeter wel terug als u elektriciteit aan het openbare
net levert, maar registreert deze niet hoeveel u teruglevert. Op deze
manier wordt noch de netlevering (nettoproductie),
noch de totale
brutoproductie gemeten en kan nergens subsidie over worden
uitbetaald.
Aanmelden bij CertiQ
Om SDE-subsidie te krijgen over uw elektriciteitsproductie moet
u bekend zijn als producent van duurzame elektriciteit. U moet zich
hiervoor aanmelden bij CertiQ. Dit kan via internet op
www.certiq.nl. CertiQ
certificeert de duurzame elektriciteit die uw
installatie produceert. Dit is de basis voor de uitkering van de
subsidie.
U kunt uw digitale aanmelding bij CertiQ ondertekenen met uw
DigiD-inlogcode. Uw aanmelding wordt vervolgens automatisch
doorgestuurd
naar uw netbeheerder. De netbeheerder zal volgens
de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit
vaststellen of uw installatie duurzame energie produceert.
De netbeheerder heeft vier weken de tijd om het verzoek tot
vaststelling
goed of af te keuren. Zij kan de beoordeling pas doen als
er daadwerkelijk elektriciteit wordt geproduceerd en de meters
geïnstalleerd zijn. Pas dan kan gecontroleerd worden of de
elektriciteitsmeters goed werken.
Zodra uw regionale netbeheerder uw verzoek tot vaststelling
goedkeurt ontvangt u hiervan een bevestiging. Ook CertiQ ontvangt
een bevestiging. CertiQ verwerkt daarop de gegevens en schrijft u in
als producent van duurzame elektriciteit. Aan deze inschrijving zijn
geen kosten verbonden. U ontvangt van CertiQ een bevestiging van
uw inschrijving en een overzicht van de gegevens waarmee u
ingeschreven staat. CertiQ stuurt Agentschap NL een kopie van de
inschrijfgegevens.
Opname meetgegevens
Uw inschrijving bij CertiQ is nu voltooid. De regionale netbeheerder
kan de meetgegevens over de elektriciteitsproductie nu doorgeven
aan CertiQ. De netbeheerder zal dit eens per jaar doen als uw
meterstanden zijn opgenomen. U ontvangt van CertiQ een overzicht
van de door de netbeheerder ingezonden meetgegevens zodra deze
zijn ontvangen. Ook Agentschap NL ontvangt een overzicht. U hoeft
dit overzicht dan ook niet zelf door te sturen.
Betalen van voorschotten
Na ontvangst van de gegevens van CertiQ kan Agentschap NL
starten met het uitbetalen van subsidievoorschotten. Het
voorschotbedrag
bedraagt maximaal 80 procent van het jaarmaximum
uit uw beschikking. Dit bedrag wordt in maandelijkse
termijnen uitbetaald. Binnen zes maanden na afloop van een
productiejaar wordt het voorschot verrekend. Een productiejaar
eindigt bij kleinverbruikers nadat de meterstand is opgenomen en
bij grootverbruikers nadat het kalenderjaar is afgelopen. De
verrekening vindt plaats op basis van de daadwerkelijke
energieproductie
die in het betreffende kalenderjaar voor subsidie in
aanmerking komt. Daarnaast stelt het ministerie van Economische
Zaken jaarlijks voor 1 april de daadwerkelijk geldende subsidietarieven
over het voorgaande jaar vast. Als de verrekening voor u
positief is ontvangt u éénmalig een aanvullende
betaling. Als de
verrekening voor u negatief is, wordt het teveel ontvangen bedrag
verrekend met het eerstvolgende voorschot en met zoveel voorschotten
als daarna nodig zijn. Zowel over de bevoorschotting als
over de verrekening wordt u schriftelijk geïnformeerd. U hoeft
hier
zelf niets voor te doen. Informatie over de voorlopige en definitieve
subsidietarieven vindt u op www.agenschapnl.nl/sde.